Wachten op extra stroom is geen strategie meer

Toen Zakenblad in 2024 al schreef over de energieproblematiek op de Weerter bedrijventerreinen, stonden bedrijven ook al op wachtlijsten voor extra netcapaciteit. Sindsdien is de situatie volgens Sven Maas alleen maar nijpender geworden. Waar ondernemers toen nog meer perspectief hadden dat er op termijn ruimte zou komen, is inmiddels duidelijker dat het probleem hardnekkig is en langer gaat duren. Dat vraagt om een andere kijk op energie. 'Energie werd altijd een beetje als een secundair bedrijfsproces gezien', zegt Maas. 'Je drukte op de knop en alles draaide. Nu moet je energie eigenlijk als een grondstof zien. Zonder een grondstof kun je niet werken.' Ook wethouder Thomas van Gemert merkt dat de urgentie steeds meer wordt gevoeld. Ondernemers die eerder vooral gewend waren hun eigen zaken te regelen, kloppen vaker bij de gemeente aan met vragen over energie. Ralf Driessens ziet die verandering eveneens in zijn contacten met bedrijven. De bewustwording is volgens hem de afgelopen jaren duidelijk gegroeid.

Eerst kijken wat je zelf kunt doen

In Weert wordt gewerkt vanuit de zogenoemde 4x25-aanpak: 25 procent besparen, 25 procent zelf opwekken, 25 procent opslaan en 25 procent uitwisselen. Het uitgangspunt is dat ondernemers niet hoeven te wachten op één grote oplossing, maar zelf al stappen kunnen zetten. Besparen en zelf opwekken kunnen bedrijven grotendeels zelfstandig oppakken. Denk aan zonnepanelen op het dak, maar ook aan slimmer kijken naar het eigen productieproces. Op veel bedrijventerreinen worden ’s ochtends rond hetzelfde tijdstip machines aangezet, waardoor een hoge piek in het stroomgebruik ontstaat. Door processen anders over de dag te verdelen, kan binnen dezelfde aansluiting soms al meer mogelijk worden. Driessens ziet dat ondernemers gewend zijn eerst zelf naar oplossingen te zoeken. Bedrijven kunnen bijvoorbeeld onderzoeken hoe zij groei, elektrificatie van het wagenpark of verduurzaming binnen de beschikbare capaciteit toch mogelijk kunnen maken. 'De uitdaging zit niet alleen in de beschikbaarheid van energie, maar ook in de betaalbaarheid ervan. Door slim samen te werken kunnen bedrijven hun energiekosten beter beheersen en tegelijkertijd bijdragen aan een duurzamer energiesysteem.' Lokale opwekking, energieopslag en het slimmer benutten van de bestaande netcapaciteit kunnen daar volgens hem aan bijdragen. Zo wordt energiemanagement niet alleen een antwoord op netcongestie, maar steeds meer een manier om als ondernemer bewust te sturen op de eigen bedrijfsvoering.

Kampershoek als praktijkvoorbeeld

Op bedrijventerrein Kampershoek wordt al enkele jaren intensief gewerkt aan die nieuwe aanpak. Ook op de Kempen-Kanaalzone loopt een vergelijkbaar traject. Volgens Maas levert dat inmiddels concrete oplossingen op. 'We hebben bijvoorbeeld een bedrijf dat te weinig stroom beschikbaar heeft en daarom een deel van het bedrijfsproces op diesel laat draaien. Door de verschillende gebouwen en aansluitingen slimmer met elkaar te verbinden, kan het bedrijf veel minder diesel gebruiken. De oplossing ligt er, maar de ondernemer moet die uiteindelijk zelf uitvoeren.' Soms kan het volgens hem ook eenvoudiger. 'Er zijn bedrijven die met zonnepanelen op hun dak al een deel van hun eigen stroomvraag kunnen opvangen. Als de zon schijnt, kun je die stroom direct gebruiken voor machines of bijvoorbeeld het laden van auto’s en vrachtwagens. Eventueel kun je dat combineren met opslag.' De voorbeelden laten zien dat niet iedere oplossing afhankelijk is van uitbreiding van het elektriciteitsnet. Ook binnen de bestaande situatie kunnen bedrijven soms ruimte creëren door hun energiegebruik anders te organiseren.

Samenwerking vergroot de mogelijkheden

Voor opslag en het uitwisselen van energie komt samenwerking nadrukkelijker in beeld. Juist daar liggen mogelijkheden die een ondernemer alleen niet altijd heeft. 'Netcongestie is geen vraagstuk dat één partij alleen kan oplossen', zegt Van Gemert. 'Juist door de samenwerking tussen Rabobank, Parkmanagement Weert, WeertEnergie, ondernemers en de gemeente ontstaan oplossingen die individueel vaak niet haalbaar zijn.' Dat vraagt wel om een andere manier van werken. Een ondernemer is gewend zelfstandig beslissingen te nemen over zijn bedrijfsvoering. Bij collectieve energieoplossingen moet ook worden gekeken naar de bedrijven eromheen. Wanneer gebruikt de buurman veel stroom? Wanneer ontstaat juist ruimte? Kunnen pieken worden verschoven en zijn bedrijven bereid gezamenlijk te investeren?

Concrete stappen

Daarin speelt Parkmanagement Weert volgens Driessens een belangrijke rol. De organisatie brengt ondernemers bij elkaar en helpt om gezamenlijke vraagstukken op tafel te krijgen. Zo kunnen mogelijkheden ontstaan die voor een individueel bedrijf lastiger te realiseren zijn. Ook WeertEnergie, Rabobank en de gemeente Weert zijn bij de aanpak betrokken. WeertEnergie brengt kennis mee over energie en de organisatie van lokale oplossingen, Rabobank over onder meer financiering. De gemeente kan kennis delen, partijen verbinden en aanvullende expertise inzetten. Voor Natasja Geelen, parkmanager bij Parkmanagement Weert, zit de waarde van de samenwerking vooral in wat die bedrijven concreet oplevert. 'We hebben de juiste partijen bij elkaar gebracht, enthousiaste bedrijven zijn nauw betrokken en we zien de eerste ondernemers concrete stappen zetten. Daar gaat het uiteindelijk om: het resultaat bij de bedrijven. Dat gezamenlijke doel moeten we steeds centraal blijven stellen.' Van Gemert benadrukt daarbij dat de rol van de gemeente vooral faciliterend is. Die kan initiatieven op weg helpen, zeker wanneer meerdere bedrijven betrokken zijn. De keuzes binnen het eigen bedrijf en de uiteindelijke investeringen blijven bij de ondernemer liggen. Wel ziet hij daarin een verandering ten opzichte van een paar jaar geleden. Bij gesprekken over het gemeentelijke energiebeleid ontstond volgens hem steeds duidelijker een hulpvraag vanuit het bedrijfsleven. Ondernemers zoeken de gemeente nu nadrukkelijker op om gezamenlijk te bekijken wat wél kan. 'Daar zit echt een kantelpunt.'

Ruimte voor groei

Een slimme en betrouwbare energievoorziening wordt steeds belangrijker voor bedrijven die willen groeien en investeren. Driessens legt daarbij nadrukkelijk de link met de economische ontwikkeling van Weert. 'Voor een gemeente als Weert, met een sterke maakindustrie en veel innovatieve ondernemers, is een betrouwbare energievoorziening essentieel voor toekomstige groei en investeringen.' Elektriciteit is daarmee ook een belangrijke vestigingsvoorwaarde geworden. 'Vroeger keek je qua vestiging naar infrastructuur en arbeidspotentieel. Nu is een van de grootste vestigingsvoorwaarden elektriciteit.' Een goed bereikbaar bedrijfsperceel heeft immers weinig waarde als een onderneming daar niet voldoende stroom kan krijgen om te produceren of uit te breiden. 'Ondernemers willen verduurzamen, elektrificeren en uitbreiden', zegt Driessens. 'Netcongestie mag geen rem worden op de economische ontwikkeling van onze bedrijven en daarmee op de werkgelegenheid in onze regio.' Dat speelt ook bij de ontwikkeling van Weert-Oost, waar een nieuw werklandschap wordt voorzien. Volgens de gesprekspartners moet de energievoorziening daar vanaf het begin worden meegenomen in de gebiedsontwikkeling. Niet eerst ruimte creëren en daarna bekijken hoe bedrijven aan voldoende elektriciteit komen, maar beide vraagstukken tegelijkertijd oppakken. Van Gemert benadrukt dat het belang daarvan verder reikt dan één individueel bedrijf. Bedrijventerreinen leveren werkgelegenheid en zijn daarmee verbonden met de rest van de stad. Wanneer bedrijven niet kunnen groeien, heeft dat volgens hem uiteindelijk ook gevolgen buiten het bedrijventerrein. Andersom kan een goed georganiseerde energievoorziening juist iets toevoegen. Netcongestie speelt immers in grote delen van Nederland. Wie erin slaagt bedrijven ondanks die beperkingen ruimte te bieden om te groeien, versterkt daarmee ook de aantrekkelijkheid van een vestigingslocatie.

Van ‘doe maar wat extra’ naar bewust sturen

Maas ziet uiteindelijk vooral een omslag in de manier waarop bedrijven naar energie kijken. Hij vergelijkt het met bedrijfsruimte. 'Had je vroeger tweeduizend vierkante meter nodig, dan kocht je er drieduizend. Die extra ruimte was fijn om te hebben. Zo ging het ook met energie: doe maar wat meer vermogen, dan heb je het maar. Dat is nu niet meer zo.' Die vanzelfsprekendheid maakt plaats voor veel bewuster sturen. Wanneer draaien machines? Waar zitten pieken? Welke stroom kan een bedrijf zelf opwekken? Is opslag interessant? En wanneer biedt samenwerking met andere ondernemers uitkomst? 'Slim met energie omgaan is echt cruciaal om je verduurzaming en je groei voor elkaar te krijgen', zegt Maas. 'Daar is echt een mindshift aan de gang bij ondernemers. En daar staan we middenin.' Voor de bedrijven die nu al tegen de grenzen van hun aansluiting aanlopen, is die omslag uit noodzaak begonnen. Voor andere ondernemers lijkt het probleem misschien nog verder weg. Maar juist de ontwikkeling van de afgelopen jaren laat volgens de gesprekspartners zien dat energie een steeds belangrijker onderdeel wordt van de keuzes die bedrijven maken.

Slimmer omgaan met stroom op Kampershoek

Binnen het pilotproject Energievoorziening Kampershoek werken gemeente Weert, Parkmanagement Weert, WeertEnergie en Rabobank Midden-Limburg samen met geïnteresseerde bedrijven. Doel is om energie slimmer te gebruiken en te organiseren, zowel binnen afzonderlijke bedrijven als gezamenlijk. Daarmee gaat de aanpak verder dan verduurzaming en het beheersen van energiekosten. Door efficiënter om te gaan met de beschikbare capaciteit wordt ook de druk op het elektriciteitsnet verminderd. Dat kan ondernemers helpen om meer grip te houden op hun energievoorziening en ruimte te houden voor continuïteit en toekomstige groei.

www.onsduurzaamweert.nl